De eerste week Valencia. Enamorado.

Bijgewerkt op: 11 mrt. 2020



DISCLAIMER

Even een disclaimer. Er is namelijk één kant die ik eigenlijk níét op wilde gaan met dit verhaal. De kant van de clichés. Een blog met de strekking ‘het is hier fantastisch’ is immers maar saai om te lezen. Daarbij jinx ik dan vast van alles en verzoek ik de goden. Dan zijn Loesa en ik vanaf morgen ineens permanent chagrijnig. Komt de regen met bakken uit de hemel vallen. En smaken de Valenciaanse tapas, pastels en cervezas ons niet meer. En dat dan allemaal door wat jubelende woorden van mij. Maar ja, ik wíl geen cliché verhaaltje, maar doe het toch. Want ieder niet-jubelend verhaal zou nu een leugen zijn. Dus: bereid u voor op hieronder wat blije cliché woorden over la primera semana en España. Met Loesa en mij.


Verliefd. Enamorado.

‘Niet verliefd worden hè’, was de meest gehoorde boodschap die we van vrienden en familie meekregen voor we vorige week het vliegtuig instapten. "Nee nee", zeiden we dan braaf. Mislukt. Week uno en we zijn toch best verliefd. Niet op Enrique, Pedro of Juan. Wel op Vallie (lees BBBallie) - wij mogen dat zeggen. Vallie, Val, Valletje. Bueno, waarom we verliefd werden? Drie redenen.

Eén. Uno.

Op het moment van schrijven lig ik op mijn rug in het gras. In het immense, uitgestrekte park Turia. Een drooggelegde rivier. Dit park is een soort walhalla voor, tja, eigenlijk iedereen. Voor sporters zijn er fietspaden, hardloopwegen en tig sportvelden (van een ateletiekbaan en voetbalveldjes tot van die felgekleurde fitnessapparaten die niemand snapt).


Voor honden zijn er grasvelden, vijvers en poepzandbakken. En voor lanterfanters - zoals Loesa en ik op dit moment - zijn er tropische bomen, bankjes, speeltuinen en fonteinen. Dus hier liggen we dan, op een kleedje.

Als ik langs mijn telefoonscherm omhoog loer, zie ik vijf palmbomen van onder en daarachter een kraakheldere, blauwe lucht. Deze lucht is geen uitzondering, we zien hem al de hele week. Mijn telefoon positioneer ik strategisch boven mijn gezicht - lamme armen - zodat de zon m’n ogen niet verblind.

Af en toe krijg ik een Whatsappje uit Nederland met een foto of filmpje van de storm Ciara. Die bekijk ik dan om vervolgens weer even langs mijn telefoon naar mijn eigen uitzicht te loeren. Een contrast dat verliefd worden nog nooit zo makkelijk maakte. El parque, el sol, el cielo azul y el calor. (Gracias Google Translate.) Reden numero uno.



Twee. Dos.

Dan de geur. Verliefdheid komt deels binnen via ons reukorgaan, toch? Zo werken feromonen, heb ik me laten vertellen. Nou, alles ruikt hier dus veel intenser en lekkerder. Zoals ook in Nederland in de lente. “DEZE GEUR”, is dan ook het eerste dat ik blij verrast uitkraamde op het moment dat Loesa en ik via het ijzeren trappetje het Transavia vliegtuig verlieten.


Hier in het Turia park ruikt het naar dennenbomen. En naar gras. En naar hardlopers die hun kleding kennelijk wassen met lekker wasmiddel. Op straat ruikt het naar churro's, koffie of paella-kruiden.

Het ruikt natuurlijk ook wel eens naar vieze dingen. Naar riool, of een muf Jean-Paul-Gaultier-achtig-parfum van een passerende Spanjaard met een slechte smaak. Maar ja, bij verliefdheid vind je vieze dingen ineens niet meer vies, dus snuiven we alle geuren met een brede lach op. El olor de primavera. Reden numero dos.

Drie. Tres.

"Denk je dat we ook zo relaxed waren geweest als we naar, zeg, Dublin ofzo, waren gegaan?”, vroeg Loesa op dinsdag. We wandelden door het Turia park naar het strand. “Denk het niet”, antwoordde ik. “In Dublin liepen we nu vast gestresst door de kou op zoek naar werk.” De Spaanse zon en de bijbehorende mentaliteit grijpen je erg snel bij de lurven merken we, maar dan wel op een positieve manier.

In Nederland werkte Loesa nog van negen tot vijf bij een bank. Hier zou ze best wel honden-uitlaatster willen worden - vertelt ze me net. Lijkt mij ook wel wat eigenlijk. Evenals schoonmaakster op een boot in de haven, of barista, afwasser, fietsgids of keukenhulp in een Valenciaans restaurant.


Veel werk waar we in Nederland toch niet echt (meer) op zitten te wachten, lijkt ons hier meer dan bueno. Zolang we maar zoveel mogelijk tijd met onze nuevo novio Vallie y su amigo el sol kunnen doorbrengen. Tranquilloheid. Reden numero tres.


Goed, het is natuurlijk makkelijk praten na zo’n eerste week vol vakantie vieren. Dat begrijpen wij ook wel. Aankomende week gaan we naar school om daar de komende drie weken het Español un poco onder de knie te krijgen. Dus misschien dat we na morgen van een frio kermis thuis komen.

PS. Lo siento, een blij verslagje is natuurlijk niet zo spannend. Maar verliefde mensen zien nou eenmaal alles door een roze bril. Als Loesa en ik werkloos, geldloos en huilend in de goot liggen zal ik daar ook eerlijk over schrijven. Prometido.


Voor nu: hasta la vista guapos.