Locked down in Spanje. Dichtbij.


Nog nooit had ik zoveel contact met vrienden en familie als sinds de quarantaine. Ter illustratie zomaar een gesprek uit de familie-chat: Mam: 'Hoe is het bij jullie? Veel zon?' Opa: 'Ik loop rondjes in de tuin. Wind is wel fris.' Nichtje stuurt foto: 'Kijk mijn perfecte pannenkoek!' Tante: 'Hier ook zon. Maar wij kijken binnen serie op Netflix.' Ik: 'Hey! Ik eet ook een pannenkoek!' Pap: 'Lekker. Wij gaan de schuur opruimen.' Mam: 'Wat zit er op die boterham?' Nichtje: 'Het is een pannenkoek.' Mam stuurt foto: 'Oh. Hier tweede koffie van vandaag.'


Hoe minder we meemaken, des te meer we elkaar te vertellen hebben, zo lijkt het. Geen maaltijd, verpotte kamerplant, of kunstje van de kat gaat voorbij zonder er een appje van te krijgen. Een vriendin in Nederland zei laatst toen we aan het videobellen waren: "Ondanks dat jij in Spanje zit, heb ik met jou nu hetzelfde contact als met mensen die wel in de buurt zijn." Ze heeft gelijk. Sinds de noodtoestand is mijn telefoon als een raam waardoor non-stop de gezichten en woonkamers van mijn vrienden in Nederland te zien zijn.


Dit bracht Lisa en mij op een idee. In Haarlem zijn we de helft van een kwartet. Laura, Lise, Lisa en Linda: vier vriendinnen. Normaal doen we alles met z'n vieren, maar sinds wij naar Spanje zijn vertrokken, moeten activiteiten ineens twee bij twee. Tot de coronacrisis onze ogen opende wat betreft de vele mogelijkheden van thuisblijven. Als je vanuit huis videobellend kan vergaderen, waarom dan niet uitgebreid borrelen?


Zo geschiedde. Laura en Lise samen achter een computer in Haarlem, wij inValencia. 1486 kilometer uit elkaar. Er was een dresscode (glitter), een gezamenlijke boodschappenlijst (royale kaasplank) en we bedachten spellen (wat ben ik?). Compleet opgedoft zaten we in onze woonkamers simultaan te borrelen om tussendoor elkaars imitaties van een pistachenoot en kakkerlak te raden. Dronken maar voldaan gingen we laat naar bed. 'Uitgaan' vanaf de bank, ik raad het iedereen aan.